Marimba

‘s Nachts hoor ik het hier, melodieën, een beetje lichtvoetig, marimba ofzo.

Soms is het zo stil dat de honden er gemakkelijk boven blaffen. Zo stil dat de auto’s erover rijden. Maar dan nestelt het zich weer in je oor, verdovend, je gaat er wat van staren. En op een hoek van de straat, waar je alle kanten opkan, daar trekt die melodie je mee. Je hebt niet eens door dat je er al heel lang naar luistert. Soms volg je iemand die het zingt, soms krijg je neurieënd gezelschap. De noten verspreken zich en het ritme verspringt.

Ik weet niet of jullie die melodieën daar soms horen. Vastberaden klinken ze, maar dan zonder woorden. Aangenamer, als zacht trillende snaren in je maag. Ze hebben veel te verliezen als niemand luistert. Dan nemen de honden op bevel van de bazen de straten in. Om de cijfers te bewaken.

Ik weet niet of jullie ze soms horen. Oproerkraaiers op toonladders. Ze komen doorgaans van links geklaterd in een gore glimlach, met van die valse twinkelingen in hun ogen en kranten tussen hun tanden en arm in arm vegen ze daar dik hun voeten aan. Ze dansen graag alleen, maar in groep kan het ook.

Ik denk dat jullie ze kunnen horen. Ze verstoppen zich bij voorkeur in de hoofden van mensen die alles te winnen hebben.

Comments are closed.