Archive for June, 2006

Yo koupe tèt solèy

Wednesday, June 28th, 2006

avondval

Yo koupe tèt solèy, o!
Li tonbe lwen, lwen,
Li tonbe lwen lòt bò Lagonav…
Men gade jan li senyen,
mezanmi.
Jan li senyen sou tout bagay.
Solèy, papa solèy o!
Li tonbe lwen, lwen, lwen.
Li ale tonbe jouk nan Ginen.
Men gade jan li senyen,
mezanmi.
Jan li senyen sou nou tout.

    Ze hebben de zon onthoofd, o!
    Hij is ver, ver weg gevallen,
    Aan de andere kant van La Gonave…
    Maar kijk toch hoe hij bloedt,
    mes amis.
    Hoe hij bloedt op alles hier.
    Zon, papa zon o!
    Hij is ver, ver weg gevallen,
    Tot in Guinee is hij gegaan.
    Maar kijk toch hoe hij bloedt,
    mes amis.
    Hoe hij bloedt op ons allemaal.

    Philippe Thoby-Marcelin, 1976

Taxi!

Wednesday, June 28th, 2006

In Port-au-Prince neem je de taptap, dat wil zeggen dat je achterin een pickup klautert die in alle mogelijke kleuren geschilderd is en die soms over stevige boxen en luide muziek beschikt. Sommige trajecten worden echter niet gereden door de taptaps en dan moet je een taxi nemen. Taxi’s herken je aan de zwarte rook, de roestplekken, het schokkende voortbewegen en tenslotte aan een rood lintje dat aan de achteruitkijkspiegel hangt. Taxi’s stoppen de motor in de afdaling en laten zich vallen. Beneden in de put, als ze weer omhoog moeten, houdt de ervaren chauffeur twee draadjes tegen elkaar die even knetteren. Waarop een zeer vreemd geluid het hele zootje auto door elkaar schudt. Dat is contact maken. Achteraan zitten, indien mogelijk, vier mensen tegen elkaar te plakken, vooraan zweten er drie. Mensen die stevig in het vlees zitten doen de omzet van de chauffeur dus gevoelig dalen.

Ofwel stop je een taxi die al rijdt en zeg je je bestemming, waarop de chauffeur bedenkelijk kijkt en doorrijdt of een onderhandeling begint.

Ofwel staat de taxi stil met een min of meer vaste bestemming en dan moet je wachten tot hij vol zit vooraleer hij vertrekken kan.

Bijna elke dag loop je daar naar beneden tot Kafou Aywopo (Carrefour Aeroport, het “Vliegveldkruispunt”), je steekt de Texaco schuin over, struikelt over de schoenblinkers en zegt vriendelijk dag tegen de mango-, banaan-, en advocadoverkoopsters, terwijl iemand met een grijns misschien weer Minustah schreeuwt. Mwen pa Minustah! Ik ben geen Minustah. En je steekt verongelijkt Nazon over om de taxi’s te bereiken.

In één oogopslag bekijk je zeven taxi’s die doen alsof ze op het punt staan te vertrekken. Welke te nemen? Alle taxi’s rijden zich soms vast in de enorme gaten van de weg, hebben dikwijls platte band of vallen doodleuk zonder benzine. Je telt dus de inzittenden. Je ziet een taxi die al voor de helft vol zit, je propt je erbij. Ok, de boel gaat vertrekken, daar komt er nog iemand toe. Maar terwijl de vrouw rechts instapt, gaat links de deur open en verdwijnt de man die daar zat zonder uitleg in de menigte. Moeten we dus nog even wachten… Even later komt er nog iemand toe en nestelt zich in de taxi, terwijl plots de man vooraan uitstapt, naar de chauffeur knikt en ook verdwijnt. Je kijkt verbouwereerd naar je buurman die grijnst en met zijn schouders iets laat weten dat op berusting lijkt. En zeven lange minuten later, bij de aankomst van de volgende klant, stapt die buurman, je bondgenoot in het lange wachten, op zijn beurt uit. Hij kijkt je glimlachend aan en trekt nog eens zijn schouders op met een blik vol binnenpret alvorens zich om te draaien en te verdwijnen in het gewoel.

Alle mensen die in de taxi zaten als je toekwam, waren door de chauffeur betaald om klanten te lokken. Bijna elke dag opnieuw loop je in die taxival, en samen met jou, alle Haitianen. Niemand geeft een kik, het is een spel, iedereen heeft recht op een paar Gourdes.

Beeldhouwen met Brol

Thursday, June 8th, 2006

In de benedenwijken van Port au Prince, waar de huizen met hout en golfplaten en hier en daar cement tegen elkaar plakken, leven beeldhouwers in kleine hokjes tussen hun creaties. Het materiaal vinden ze overal op straat en hoe meer ze maken, hoe minder plaats ze hebben. Een eind verderop is een kerkhof te vinden en menige schedel werd verwerkt in beelden. De resultaten zijn, zelfs zonder schedels, dikwijls luguber en de dood is alomtegenwoordig. Maar de bedden liggen tussen die dood en de schedels en daar wordt gelachen en zwoel gefluisterd en gestreeld over de springlevende vrouwen en mooie mannen van de buurt.

schedel

lugubertje

schedelbeeld

spijkers met koppen

grigri

En soms wordt het groot gezien en veranderen auto’s in beelden.

auto

Een lege boot

Wednesday, June 7th, 2006

Waarschijnlijk is deze webpagina al in de stoffige achterkamers van uw beeldscherm gesukkeld wegens langdurige stilstand. De Verzameling van Onaangename Zaken is groot en een schermkrant zonder nieuws behoort zonder twijfel tot haar elementen. Stilte is onaangenaam als het lawaai beloofd werd.

We moeten het onder ogen zien. Deze site is een lege boot. De bemanning is verdwenen of grotendeels onzichtbaar. Ooit zat het ruim vol met indianen en slaven en zwarte verhalen. Op het dek is nu geen magere kat te bespeuren. De verhalen zijn oud en versleten. Alles kreunt. Misschien zijn er onderaan achterin nog altijd slaven, maar trekt de volgende cycloon het hele zootje naar de bodem van de diepzee.

Tot die dag steekt er in de wind tussen de zeilen af en toe een verhaal de kop op om daarna domweg in het ruim te vallen. Daar blijft het liggen. Wie zwerft, kan de boot per toeval ontwaren, erop springen en via de trap aan bakboord onderdeks gaan kijken. Let wel op, de derde tree ontbreekt en onderaan klimt het water soms tot je enkels. Maar wie weet loont het de moeite.